Home Machtiging

Machtiging

Wil de bewindvoerder beschikken(beslissen) over goederen die onder het bewind vallen, dan moet hij daarvoor toestemming hebben van degene voor wie het bewind is ingesteld. Dat geldt bijvoorbeeld bij:

  • Het doen van een aankoop boven de € 1.500
  • Reiskosten (boven € 1.500)
  • Het lenen of uitlenen van geld
  • Schenken van geld

Bij meerdere uitgaven die met elkaar samenhangen, zoals bij een verhuizing waarvoor meer dingen moeten gebeuren, geldt de toestemming voor het totaal van de uitgaven. Dan moeten dus eerst alle kosten op een rij gezet worden.

Soms is de betrokkene niet wilsbekwaam. Dan mag hij of zij niet zelf toestemming geven. In dat geval moeten wij als bewindvoerder aan de kantonrechter toestemming vragen. Dit heet een machtiging.

Doorlopende machtiging

De kantonrechter kan voor telkens terugkerende lasten (zoals reiskosten) een doorlopende machtiging geven. Dan hoeft niet steeds opnieuw toestemming te worden aangevraagd. De rechter die het bewind instelt, kan een dergelijke doorlopende machtiging ook meteen bij aanvang van het bewind aan de bewindvoerder geven.

Altijd een machtiging

Er zijn ook situaties waarbij altijd een machtiging gevraagd moet worden: 

  • Aankopen en het verkopen van een woning
  • De verdeling van een nalatenschap
  • Het verwerpen van een nalatenschap
  • Het toekennen van een (extra) beloning aan de bewindvoerder
  • Het doen van risicovolle(r) beleggingen en inschakelen van een vermogensbeheerder

De rechter kan aan de machtiging voorwaarden verbinden, zoals een maximumbedrag.